De mens ijzelt,
grijpt zich vast in alle groeven,
verblind door tegenlicht,
laat ik ook jouw warmte gaan
en sijpel weg…
zondag 18 januari 2009
Dwaallied
In de verte klinkt de stad als verlaten spoor. Een wezenloze blik in de ruimte.
Waar huist het wezen gevuld met de smaakversterkers van onze tijd en herenigt dwaalliederen.
Muzikale kwaliteiten ongehoord, en tot ruis en vals klank oord verblijf ik,
een verstild monument.
C.B.
Waar huist het wezen gevuld met de smaakversterkers van onze tijd en herenigt dwaalliederen.
Muzikale kwaliteiten ongehoord, en tot ruis en vals klank oord verblijf ik,
een verstild monument.
C.B.
donderdag 1 januari 2009
De appel als appèl
Giftige appels laten zich niet eten…..en lijnen leven een paradoxaal bestaan…..
Beschouwen enkel een transformatieruimte terug naar een zelfreflectie. Het is ruimer dan enkel de vlucht, het is bewegen….op de grens van het denken.
En er was, is enkel een sferisch ritme….de woorden als tikken van een tijdloos bestaan.
Het is, ruimer dan een vergezicht, de verloren passen tijdelijk hervonden in het jaargetij.
Daar waar herzien zich verhoudt tot wederzien, de belofte de onschuld is ontgroeid, rest enkel een echo.
Beschouwen enkel een transformatieruimte terug naar een zelfreflectie. Het is ruimer dan enkel de vlucht, het is bewegen….op de grens van het denken.
En er was, is enkel een sferisch ritme….de woorden als tikken van een tijdloos bestaan.
Het is, ruimer dan een vergezicht, de verloren passen tijdelijk hervonden in het jaargetij.
Daar waar herzien zich verhoudt tot wederzien, de belofte de onschuld is ontgroeid, rest enkel een echo.
Abonneren op:
Posts (Atom)
